Ik heb in mijn leven best veel relaties versleten. Geen enkele relatie hield stand, maar terugkijkend viel me laatst iets bijzonders op: iedere man vond na mij de ware. Is dat niet curieus? Ik heb nog nooit eerder van dit fenomeen gehoord, ‘de vrouw die voor de ware komt’, maar in mijn geval is het toch echt zo. Ik ben de vrouw die voor de ware komt.
Mijn eerste vriendje was een echte Achterhoeker. Ik was import uit Leiden, maar ik deed mijn uiterste best om erbij te horen. Ik ging mee naar de camping, zat achterop de brommer, dronk bier, ging zondag met mijn vriendinnen naar het voetballen kijken en dronk daarna in de kantine nog meer bier, droeg mascara en lange oorbellen die mijn moeder ordinair vond – waren ze ook – maar het lukte maar niet om goed plat te praten. En ook al verveelde ik me vaak met hem – hij las geen boeken, wilde niet op reis, wist niet wat hij met zijn leven aan moest – ik was smoorverliefd. Na twee jaar maakte hij het uit. Zomaar! “Jij bent te ingewikkeld”, zei hij. Nog geen jaar later had hij verkering met een meisje uit het dorp en twee jaar later gingen ze trouwen. Ik werd niet eens uitgenodigd. Tja, eenmaal import, altijd import, zal ik maar zeggen. Het laatste wat ik over hem hoorde, is dat ze nu al vier kinderen hebben en nog steeds in hetzelfde dorp wonen. Duidelijk een geval van de ware.
Ik zat in het laatste jaar van de middelbare school en was er helemaal klaar mee. Waarom had ik in godsnaam een exact vakkenpakket gekozen? Vooral wiskunde vond ik saai – veel te abstract en nergens goed voor. Tijdens een informatiedag op school waar oud-leerlingen kwamen vertellen over hun studie, ontmoette ik mijn volgende vlam. Hij was een stuk ouder, liep op blote voeten, zijn haar was gebleekt door de zon en hij was onweerstaanbaar. Hij was niet gaan studeren, maar hij was op reis gegaan, vertelde hij. “Reizen is de beste studie die je kunt doen”, zei hij. “Daar leer je het enige wat er toe doet: je leert over het leven!” Er gebeurden twee dingen op dat moment: ik besloot om te gaan reizen en ik werd verliefd. De verliefdheid was wederzijds. Hij was ook een schrijver en we schreven elkaar eindeloos lange brieven waarin we de geheimen van het universum en onszelf ontrafelden. Met hem naar muziek luisteren was een mystieke ervaring. Echter, na twee en een half jaar bekende hij dat hij niet meer op reis wilde, maar dat hij wilde settelen. Ik was geschokt, want hij wist dat dat niet met mij ging gebeuren. Dat was het einde van onze relatie. Een jaar later kreeg hij verkering, nota bene met de dochter van de wiskundeleraar – echt waar! – met wie hij trouwde, een huis kocht, kinderen kreeg en met wie hij nog lang en gelukkig leefde. Weer een geval van de ware.
Het voordeel van het feit dat deze relatie stukliep, was dat ik eindelijk zelf op reis kon. Ik ging vrijwilligerswerk doen in een kibboets in Israël. Naast de andere vrijwilligers – allemaal ouder dan ik, uit alle hoeken van de wereld – leerde ik een stuk of wat jonge Israëliërs kennen die net vijf jaar in het leger hadden gezeten, in Libanon hadden gevochten en wilden roken, drinken, dansen en vrijen om te vergeten wat ze in de oorlog hadden meegemaakt. Hun intensiteit was overweldigend, ik had nog nooit zoiets meegemaakt en ik werd smoorverliefd op één van hen. Hij was een man van stille wateren, diepe gronden. Drie maanden lang verdronken we in elkaar, we waren Romeo en Juliet, niks deed er meer toe. Alleen moest ik na vier maanden naar huis, want mijn visum liep af. “Ik kom terug”, huilde ik in zijn armen, maar hij zei: “Jij komt niet terug. Ze komen nooit terug.” Hij had gelijk. Het duurde zeven jaar voor ik terugging – vraag me niet waarom – en intussen was hij getrouwd met een meisje uit de kibboets en was ik een ‘shadow from the past’ geworden, zoals hij het omschreef. We bleven vrienden en hij en zijn vrouw zijn nog steeds gelukkig en hebben vijf kinderen. Ook hij vond na mij de ware.
Drie keer op een rij is al raar, toch? Maar dit is nog maar het begin! Na de kibboetsnik ging ik zelf trouwen, verhuisde ik naar Noorwegen en kreeg ik twee kinderen met een man met wie ik uiteindelijk zeven jaar samenwoonde. Mijn grootste commitment tot dan toe, maar we waren duidelijk niet de ware voor elkaar. Integendeel, vanaf dag 1 maakten we ruzie en we waren het over alles oneens. Het enige wat we goed konden, was kinderen maken, want onze twee kinderen waren letterlijk wonderen der natuur. Toch was dat niet genoeg. Na een paar hartverscheurende jaren gingen we uit elkaar en je raadt het al: hij kreeg een relatie met een Noorse, begon met heldenmoed aan een tweede leg en leeft intussen al vele jaren gelukkig in zijn houten huis op het Noorse platteland, met vrouw en kinderen, een vaste baan, twee auto’s en een grasmaaitractor, die hij altijd al wilde hebben. Hoppa, weer een gevalletje van de ware na mij.
Toen viel ik voor een Noorse miljonair die al wat ouder was, mij de ware noemde, maar in werkelijkheid op zoek was naar een vrouw die zijn nageslacht voor hem wilde baren, in ruil voor kost en inwoning en een vette erfenis. Daar bedankte ik vriendelijk voor – ik ben geen broedkip, zei ik – en dat was het einde van de relatie. Snap jij dat nou? “Weet je wel wat ik in jou geïnvesteerd heb?” zei hij toen ik mijn spullen kwam halen, refererend aan de dure cadeaus die hij voor me gekocht had en die ik allang naar de kringloop had gebracht. Zes maanden later vond hij alsnog de ware en vier jaar later was hij de trotse vader van vier dochters. En ze leefden nog lang en gelukkig.
De korte relaties die in de jaren daarna kwamen tel ik niet mee, want ik heb niet bijgehouden wat die mannen na mij deden. Misschien vonden zij ook allemaal de ware, wie zal het zeggen? Hoe dan ook, het reizen zat me nog steeds in het bloed, dus toen mijn kinderen het huis uit waren, verhuisde ik naar Peru. Daar kreeg ik een relatie met een lange, donkere en knappe brandweerman uit Australië. Zijn droom was om in Ecuador een huis aan het strand te bouwen, iedere dag te gaan surfen en een knappe vrouw te vinden die dat leuk vond. Waarom niet, dacht ik eerst, tot ik ontdekte dat dat het enige was waar hij over praatte. Weer zo’n leeghoofd die eerder een decorstuk in zijn toneelstukje zocht dan dat hij in mij geïnteresseerd was, besefte ik en ik ontsnapte net op tijd uit de fuik van zijn fantasie. Twee jaar later kwam ik een post tegen van hem: een foto waar hij een knappe, jonge vrouw in een soort houdgreep hield, met op de achtergrond een bouwput en het strand. Dus ook hij had de ware gevonden, de vrouw met wie hij zijn droom kon verwezenlijken. Ik haalde opgelucht adem.
De enige uitzondering op dit curieuze fenomeen is toen ik zelf de ware ontmoette, een Schot van twee meter, met de mooiste, diepste basstem ter wereld. Ik dacht eerst nog dat het een zomerliefde was, want de eerste zes weken brachten we door op het strand in Egypte, waar hij duik-instructeur was – romantischer kan niet – maar in de jaren die volgden ontdekte ik dat hij zich diep in mijn hart genesteld had en daar nooit meer wegging, ongeacht hoeveel landen of jaren ertussen zaten. Toen hij uiteindelijk neerstreek in Frankrijk en we beiden het reizen moe waren, gingen we samenwonen. Dit is het, dacht ik. Ik woon samen met de ware. Wat kan er nog misgaan? Wat er misging, was dat ik toch niet de ware was voor hem. De ware was voor hem geen persoon, maar de drank. Hij verkoos de drank boven mij, keer op keer. Ik wedijverde om aandacht met een blikje bier, een fles whisky, wodka of een gin-tonic, tot ik de absurditeit daarvan inzag en vertrok.
Kan de ware ook iets anders zijn dan een persoon? Zo ja, dan was dit laatste verhaal toch geen uitzondering op de regel, want na mij ging de Schot steeds meer drinken en tien jaar later stierf hij aan een hartaanval, op veel te jonge leeftijd. Ergens wil ik graag geloven dat de drank zijn grote liefde was, want dan had hij toch de ware gevonden en stierf hij waarschijnlijk in vrede in haar armen. Die gedachte biedt troost, ook voor mezelf, want als de ware iets anders kan zijn dan een persoon, dan zeg ik toch gewoon dat reizen voor mij de ware is? Of dat de waarheid, vrijheid, schoonheid of een andere abstractie voor mij de ware is? Dan ben ik meteen klaar en mis ik niks in mijn leven.
Maar echt, wat betekent het nou eigenlijk, ‘de ware’? Is het degene die het gat in je hart vult? Is het de moeder of vader van je kinderen? Is het degene met wie je uiteindelijk settelt? Is het degene die je gratis en voor niets voor altijd gelukkig zal maken? Is het degene met wie je het het langste uithoudt? Is het je tweelingziel, je andere helft, of is dat hele idee van ‘de ware’ een Hollywood-fantasie, een projectiescherm waarop je je verlangen naar eenheid kunt projecteren en waarmee je je angst voor eenzaamheid kunt bezweren? En waarom zou er maar één de ware kunnen zijn? Nu ik erover nadenk, geloof ik dat de ware helemaal niet bestaat.
Afbeelding: Susan Seddon Boulet
Sanne Burger
sanneburger.com








💕
De weg vrij-maker, en/of de maken dat ik weg-komer 🙂
Er zijn best veel patronen in relatievormen, als je goed kijkt. Of het een patroon is waar we in gevangen zitten? Met een beetje cognitieve dissonantie lossen we dat op en zijn we gewoon gelukkig. Ja alles, alles kan een mens gelukkig maken.
En soms doorbreken we het patroon. Maar dat hangt echt niet alleen van ons af. Een beetje geluk, iets dat je toevalt, het kan soms helpen bij een uitbraak naar een nieuw veld.
Herkenbaar, al mijn expartners ook. Zelfs de meeste korte affaires.
Misschien zijn sommige mensen wegbereiders of katalysators voor verandering of laten ze de ander dichter uitkomen bij wat ze wel willen.
Ik weet iig dat ik een hoop aankaart in de relatie en misschien is degene daarna dan een stuk makkelijker 😉
Hoi Sanne,
“De ware” lijkt een projectie te zijn vanuit jouw afgescheidenheid als werkelijk mens. Veel mensen komen dan ook niet verder dan zich te vereenzelvigen met het waanbeeld van die ware. Als mensen nog geen innerlijke wereld hebben ontwikkeld zal “de ware” een buitenwereld-beleving blijven. Het hebben van emoties moet dan nog iets van een binnenwereld doen voelen.
Een werkelijke klik ontstaat volgens mij als er tussen twee harten een energetische en natuurlijke aantrekking ontstaat. Als beiden zich in elkaar gezien voelen in een onbewuste ontmoeting van eezelfde ziele pijn en samen verlangen zich hierin te helen. Een contact met ons innerlijk kind van niet doorleefde pijn, ons intieme en onbewust verlangen dit met die ander te delen.
Wat een belerende tekst, Johan. Over welke mensen heb je het?
Beste Sanne,
Mooi verwoord en het las dus erg fijn dien ik te schrijven hier 😉
Ik heb zelf ondervonden dat je goed voelen werkelijk letterlijk en figuurlijk een moment opname is. Via ons Bewustzijn en onze mind kunnen we ons letterlijk overal zorgen om maken (ik heb dit niet, ik heb dat niet, etc.) en kiezen we voor het gevoel dat ermee gepaard gaat, of we kiezen alles te accepteren wat op ons pad komt en ongeacht wat het is tóch het MOOIE van alles te zien. Dankbaarheid OM te mogen ervaren, wat het ook is, want ik weet dit leventje is er weer slechts eentje van vele. Ik geniet van de goedkoopste dingen, zoals lange meditatieve wandelingen maken, niet eens in een ver exotisch land maar gewoon hier in ons kleine Nederlandje. Genoeg mooie plekken ontdekt, ja zelfs hier. Zijn die dagelijkse ellenlange wandelingen (15-30km) mijn ‘ware’? In ieder geval op dit huidige moment in mijn leventje. Ik heb maar een paar korte relaties met vrouwen gehad. Telkens vind ik het toch weer het fijnste om op mijzelf te zijn en gewoon te doen waar ikzelf zin in heb. Feitelijk hebben we geen externe partner nodig (het kan zeker wel maar is geen vereiste of noodzaak om je ‘goed’ te voelen. Het is subjectief allemaal. We kunnen het met ons eigen wezen allang bereiken haha!!!) om ons heel of goed te voelen. Het is echt waar een ‘State of Mind’, en het is werkelijk zo. Dankbaar zijn voor alles en dat je MAG Leven en ervaren, hoe je het ook afgaat. Alles is toch maar tijdelijk (gelukkig), om meer ruimte te maken voor iets nieuws erna.
Dank nogmaals voor je mooie relaas hierboven Sanne 🙏
Namasté,
Wout.
Ik denk ook dat de ware niet bestaat.
De enige ware in je leven ben je zelf! 💜
“De enige ware in je leven ben je zelf”? Nou, dat is zeker niet wat ik bedoel met dit stuk!