Borsten

Sanne Burger

20 april 2026

(Vergeef me dat ik het hier over jou heb, mama. Ik weet dat je daar een hekel aan hebt, maar ik moet dit verhaal echt even kwijt. Jij bent er niet meer, wat niet betekent dat je geen inspraak meer hebt, maar je weet hoe dit onderwerp me aan het hart gaat. Sta mij toe, ik beloof dat ik alleen respectvol en liefdevol over je zal praten.)

Mijn moeder was altijd als de dood om borstkanker te krijgen, want haar oudste zus, die naar Australië geëmigreerd was, was al op jonge leeftijd gestorven aan borstkanker. Soms zei ze: “Ze heeft gewoon kanker gekregen omdat ze heimwee had”, maar tegelijkertijd was ze bang dat het als een soort Russische roulette ook haar zou treffen. Daarom onderzocht ze vaak haar borsten en liet ze iedere twee jaar braaf een mammografie doen, want stel je voor.

Door haar was ik als kind ook doodsbang om borstkanker te krijgen. De eerste en de laatste keer dat ik zelf dacht dat ik borstkanker had, was toen ik dertien was en borsten begon te ontwikkelen. Ik kreeg twee kleine bultjes op mijn borstkas en ze joegen me immense schrik aan. Het voelde vreemd aan, niet eigen. Het was gevoelig, ja zelfs pijnlijk als ik ze aanraakte. Mijn moeder zei: “Kind, stel je niet zo aan.” Dat zei ze altijd als ik me ergens druk over maakte. “Je krijgt gewoon borstjes!” Ze gebruikte graag verkleinwoordjes. “Je zou juist blij moeten zijn!” Nou, dat was ik niet. Huilend zat ik op de bank, met m’n knieën opgetrokken tot aan mijn kin, vurig wensend dat die bultjes zouden verdwijnen. “Ik wil nog niet dood!” jammerde ik, tot mijn moeder er genoeg van had en de dokter belde.

We hadden een hele lieve huisarts die nog diezelfde middag op huisbezoek kwam. Ik was dodelijk verlegen en weigerde mijn hemd uit te trekken, maar mijn moeder was intussen ongeduldig geworden en zei: “Wil je nou weten of je kanker hebt, of niet?” Dat wilde ik, dus met grote tegenzin ontblootte ik mijn bovenlijf, zodat de dokter zijn koude stethoscoop op mijn borstkas kon zetten. Hij was uiterst zorgvuldig en respectvol en keek heel serieus terwijl hij me onderzocht. Dat gaf me vertrouwen. In ieder geval zei hij niet dat ik gek was. Toen hij klaar was met zijn onderzoek, vouwde hij zijn stethoscoop op, deed hem in zijn tas, keek mij en mijn moeder opgetogen aan en zei: “Het is geen kanker!” “Zie je nou wel,” zei mijn moeder, “dat zei ik toch!”

Toen legde de dokter uitgebreid uit hoe het lichaam verandert als je in de pubertijd komt, hoe je hormonen op hol slaan en hoe verwarrend dat allemaal kan zijn. “Je bent niet de enige die ervan schrikt hoor,” zei hij, “maar dit is gewoon de natuur.” Toen viel bij mij het kwartje. Oké, knobbeltjes zijn niet gevaarlijk. Het is gewoon de natuur. Op dat moment verdween mijn angst voor knobbeltjes en borstkanker als sneeuw voor de zon.

Later ging ik natuurgeneeskunde studeren en las ik alle boeken die ik kon vinden over kanker, want ik wilde ook mijn moeders angst wegnemen. Ik ontdekte al vrij snel dat er een heleboel misvattingen waren rondom kanker, waaronder de opvatting dat knobbeltjes gevaarlijk zijn en eruit gesneden of gebrand moeten worden, of belaagd moeten worden met chemotherapie. Ik ontdekte tot mijn verbijstering dat de kankerindustrie een zeer winstgevende business is en dat de angst voor kanker door diezelfde industrie gevoed en in stand gehouden wordt, bijvoorbeeld door te doen alsof kanker ongeneeslijk is, door alternatieve behandelingen te verbieden, te negeren of belachelijk te maken en chemo, bestraling en snijden als enige opties te presenteren, terwijl eeuwenoude natuurgeneeswijzen zoals de ayurveda, de Chinese geneeskunde en ook de Europese kruiden- en voedingsleer van voor de inquisitie, precies weten wat de oorzaken van kanker zijn en hoe je het op vele manieren kunt genezen. Ik was diep geschokt over deze medische corruptie, maar ook razend enthousiast over mijn ontdekking dat het dus helemaal niet zo erg was en dat het goed te genezen was.

“Mama, moet je horen!” riep ik nog vaak in het begin. Ik wilde haar zo graag meenemen in mijn hoopvolle onderzoek, maar mijn moeder wilde niet naar me luisteren. “Kind, had je maar medicijnen moeten studeren,” zei ze, “dan had ik misschien wel naar je geluisterd.”

Ik heb zelf meerdere keren in mijn leven knobbeltjes in mijn borsten gevoeld. De eerste keer was dus toen ik dertien was. De tweede keer was toen ik begin twintig was, kinderen kreeg en borstvoeding gaf. De melkklieren in mijn borsten waren soms zo opgezwollen dat een paar ervan als harde en gevoelige bobbeltjes aanvoelden. Soms kon dat best pijnlijk zijn, vooral als de melk ineens toeschoot en stuwing veroorzaakte. Iedere moeder die borstvoeding geeft, kan daarover meepraten. Jaren na de borstvoeding waren die melkklieren nog steeds actief. Ik herinner me dat ik een keer door de supermarkt liep en een baby in een kinderwagen hartverscheurend hoorde huilen, waarop ik die toeschietreflex in mijn borsten weer kon voelen, zij het minder heftig dan toen ik zelf nog borstvoeding gaf. Gaandeweg verdwenen zowel de verhardingen en ook de toeschietreflex.

Na mijn veertigste had ik nog twee keer een knobbeltje in mijn borst, zonder een duidelijk aanwijsbare oorzaak zoals de pubertijd of borstvoeding. Gelukkig had ik het kankerverhaal toen allang doorzien, dus er was niets in mij dat bang werd of overwoog om naar een dokter te gaan. Ik keek wel mooi uit, want ik wist precies hoe die mallemolen werkte. Ik had nog nooit in mijn leven een mammografie gedaan. Dat had ik op mijn zestiende besloten nadat mijn moeder me vertelde hoe dat in zijn werk gaat – hoe bruut ze met het tere, zachte borstweefsel omgaan, hoe de borsten geplet worden in een koude machine en hoe pijnlijk en vernederend dat aanvoelt. “Ik voelde me net een koe die gekeurd werd”, zei ze. Soms had ze blauwe plekken op haar borsten na weer zo’n mammografie. Ook zat ze altijd weken in spanning, totdat de uitslag kwam: geen kanker. “Gelukkig, ik kan weer twee jaar gerust zijn”, zei ze dan. No way dat ik dat ging doen, zeker niet toen ik onderzoek las dat aantoonde dat mammografieën knobbeltjes in de borsten kunnen veroorzaken, omdat het bindweefsel beschadigd wordt. Dat verzin je toch niet?

Anyway, nu dus ook geen mammografie, maar ik vroeg me wel af waar die knobbeltjes vandaan kwamen. Ik droeg geen beha en al helemaal geen beugelbeha, alleen als ik iets aan had met een decolleté. Ik gebruikte geen deodorant met chloorhexidine of andere chemische stoffen, dus met de ontgifting via mijn oksels zat het ook wel goed. Ik at heel weinig zuivel, dus er was ook geen sprake van verslijming, verstopping of verkalking. Wat er wel aan de hand was, realiseerde ik me na verloop van tijd, is dat ik emotioneel verhard was. Het was beide keren na een pijnlijk verbroken relatie, waarbij ik me heel erg afgewezen had gevoeld en het gevoel had er helemaal alleen voor te staan – wat ook zo was. Ik vatte de verhardingen in mijn borsten op als een teken dat ik moest verzachten. Ergens had blijkbaar de overtuiging in mij postgevat dat er in deze wereld geen ruimte was voor mijn zachtheid, mijn tederheid en mijn kwetsbaarheid. Ik was te mannelijk geworden. Ik wilde zo graag onafhankelijk en zelfstandig zijn en niemand nodig hebben – want dat deed toch alleen maar pijn – maar het ging ten koste van mijn zachte, vrouwelijke kant.

Het was moeilijk om te accepteren, maar ik wist dat verzachten de oplossing was, dus dat deed ik, zo goed als ik kon. Ik maakte meer ruimte voor ontspanning en rust, masseerde dagelijks mijn borsten en nam de tijd om goed voor mezelf te zorgen. Gelukkig had ik tools om dat te doen, omdat ik mijn hele leven al bezig was met verschillende natuurgeneeswijzen. Mijn manier was meditatie, vasten, goede voeding, massage, Qigong en Taotraining, schrijven, lezen en goede gesprekken met mijn leraren voeren, die gelukkig bereid waren om me feedback te geven op het niveau dat ik nodig had. Het was geen gemakkelijk proces, maar beide keren verdwenen de knobbeltjes na een paar weken volledig.

Kortom, het is mijn ervaring dat knobbeltjes in de borsten verschijnen en verdwijnen zonder dat je erin hoeft te snijden, hoeft te bestralen of chemo hoeft te doen. Ik weet dat de kankerindustrie beweert dat er goedaardige en kwaadaardige knobbeltjes zijn, maar dat is volgens mij niet zo. Ze zijn allemaal goedaardig. Knobbeltjes ontstaan als reactie op omstandigheden – stress, angst, slechte voeding, vergif, emoties, overtuigingen – die je lichaam onder druk zetten. Vaak is er een gebrek aan zuurstof in de cellen. Het lichaam komt dan met noodmaatregelen, zoals het inkapselen van de gifstoffen of de negatieve energie in een bolletje. Soms verandert het organische cellen, die zuurstof nodig hebben, in anorganische cellen, die geen zuurstof nodig hebben. Dat is niet kwaadaardig, dat is een manier om jou in leven te houden. Dit soort radicale dingen doet het lichaam alleen als negatieve energieën of gifstoffen niet via de normale wegen afgevoerd kunnen worden, zoals de ontlasting, urine, zweet, slijm, snot of middels uitslag, koorts en/of infecties. Knobbeltjes zijn noodoplossingen als het lichaam het te druk heeft met andere processen of als er een overload is aan gifstoffen of negatieve energie. Als je het lichaam de kans geeft, zal het zo gauw het wél de ruimte en de energie heeft, die gifstoffen en/of negatieve energieën alsnog opruimen en verdwijnt het knobbeltje vanzelf.

Ingrepen zoals snijden, amputeren, chemo en bestralen, leveren in mijn optiek alleen maar meer stress, pijn en spanning op en zouden dus vermeden moeten worden. Het is volgens mij ook niet slim om een biopsie te doen, want door in zo’n knobbeltje te gaan snijden maak je de ingekapselde gifstoffen juist weer vrij, waardoor ze in het lymfevocht en de bloedsomloop terechtkomen en voor allerlei problemen kunnen zorgen. Het lichaam heeft die gifstoffen niet voor niks ingekapseld, daar moet je niet in gaan poeren.

Het grootste probleem rondom het fenomeen ‘knobbeltjes in de borsten’ is de ANGST voor knobbeltjes in de borsten. Die angst is volgens mij volkomen ongegrond. Hij is je aangepraat door de kankerindustrie. Het is een marketing pitch, een manier van klantenbinding. Weet je hoeveel geld er verdiend wordt aan het ‘behandelen’ van borstkanker? Vind je het niet tekenend voor deze steeds harder en cynischer wordende wereld dat er steeds minder ruimte is voor de zachtheid, tederheid en teerheid, de liefde, schoonheid en zorgzaamheid die de vrouwenborst representeert?

Toen mijn moeder een jaar of zeventig was, ontdekte ze uiteindelijk een knobbeltje in haar borst. “Ik wist het”, zei ze. “Ik wist het.” “Nou mam, lekker gevalletje van jinxen”, wilde ik cynisch opmerken, maar ik hield mijn mond, want intussen was ik wijzer geworden en wist ik dat ik beter mijn mond kon houden in plaats van zoiets onaardigs te zeggen. Daarnaast wist mijn moeder toch niet wat jinxen was. Ze had verder nergens last van, maar ging natuurlijk meteen naar de dokter. Er volgde weer een mammografie, een doorverwijzing naar de oncoloog, een zeer pijnlijke biopsie en uiteindelijk kwam de voor mijn moeder alarmerende uitslag: “Mevrouw, U heeft onrustige cellen in uw linkerborst, die een voorstadium kunnen zijn van borstkanker. U kunt voor de zekerheid maar het beste uw borst laten amputeren, want U heeft duidelijk een verhoogd risico op kanker.”

“Neeeeeeee”, riep ik. “Nee, mama, doe het niet!” Mijn moeder had mij de eerste vijf maanden van mijn leven gevoed met die borsten! Daar moesten ze van afblijven! Maar mijn moeder zei: “Kind, ik wist dat dit zou gebeuren. Mijn zus heeft het ook gehad en ik wil niet dezelfde lijdensweg doormaken. Beter zonder borst door het leven dan helemaal geen leven.” Dus haar borst werd geamputeerd, terwijl ze niet eens borstkanker had. Mijn moeder was ongelooflijk flink en herstelde heel snel. Ze maakte er zelfs grapjes over. Wat een veerkracht. Ik was trots op haar, dwars door mijn verdriet heen.

Een jaar of zeven later herhaalde de geschiedenis zich met de andere borst. Weer onderging mijn moeder het hele proces met een wonderbaarlijke lichtheid en optimisme. Ik mocht een keer zien hoe het eruitzag, al vond ze dat zelf ook moeilijk. Het zag eruit als een slagveld en de tranen sprongen me in de ogen. “Kind, je vindt het erger dan ik,” zei ze, “maar ik mis mijn borsten wel, hoor. Wat waren ze prachtig … maar toch ben ik blij dat ik nog leef!” Ze was ervan overtuigd dat dat kwam omdat ze haar beide borsten had laten amputeren.

Mijn moeder werd 82 en stierf uiteindelijk aan kanker, die zich door haar hele lichaam verspreid had. “Uitzaaiingen van de borstkanker”, zei de dokter – allang niet meer die vriendelijke dokter die toen ik dertien was op huisbezoek kwam en mij geruststelde, maar een nieuwe, die haast had en bijzonder geïrriteerd reageerde toen ik vroeg: “Welke borstkanker? Jullie hadden mijn moeders borsten toch preventief geamputeerd?” “Wie is hier de dokter?” zei hij en rende vervolgens zo snel hij kon de deur uit, met zijn staart tussen de benen.

In mijn optiek stierf mijn moeder niet aan kanker, maar aan de behandeling – en ik denk dat dat voor heel veel mensen geldt. “Wat maakt het uit, kind?” zou mijn moeder zeggen, onverbeterlijk als ze was. “Ik moest toch ergens aan doodgaan?” Nu had ze inderdaad haar hele leven al gezegd dat ze 82 zou worden, net als haar eigen moeder, en dat was gelukt. Misschien was haar tijd inderdaad gekomen, maar dan nog denk ik dat ze een stuk waardiger en prettiger had kunnen sterven dan dat nu het geval was.

Afbeelding: Beeld van Jason deCaires Taylor

Sanne Burger
sanneburger.com

19 Reacties

  1. frits ottens

    Opnieuw een prachtig verhaal van Sanne. Dank voor je openhartigheid, helderheid en vermogen deze zo krachtig te delen!

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Dankjewel, Frits!

      Antwoord
  2. Maria van Mierlo

    Heel heel heel erg bedankt voor dit stuk. Het raakt me diep en voel me heel dankbaar dat je in woorden kan zeggen wat ik altijd gevoeld heb en nu weer aan herinnerd wordt. Dank!!

    Antwoord
  3. Anouk

    Topstuk!

    Antwoord
  4. Germaine

    Dankjewel voor het delen van jouw proces en dat van je moeder. De wereld heeft nood aan verzachting… het begint bij ons, vrouwen.

    Antwoord
  5. luc sybers

    Gedeeld op Facebook ,

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Dank! Ik ben van FB afgegooid, dus heel fijn als je mijn stukken daar deelt!

      Antwoord
  6. Anneke

    Prachtig verhaal Sanne, geeft zo goed aan wat er verkeerd gaat in de medische wereld, het lijkt me heel lastig om dit hele proces zo bij je eigen moeder te zien gebeuren terwijl je zelf zeker weet dat het anders zit. Maar het is er heel lang ingepompt, alles wat de dokter zegt is waar, daar kun je op vertrouwen! Totdat je ziet hoe het werkelijk is!

    Antwoord
  7. Alexander Rietkerk

    Ik denk dat het gevaarlijk is wat je schrijft. Ik denk dat dokters ook weten dat knobbeltjes niet altijd kanker zijn. Maar onderzoek kan aantonen of het wel of geen kanker is en hoe agressief deze specifieke kanker is. Dus je oversimplificeerd iets. Ik ben ook vitaliteitscoach maar zou zoiets als dit nooit zeggen. Prima om mensen gerust te willen stellen, maar wel genuanceerd genoeg. Wilde dit toch even delen. Scheelt je misschien ooit een rechtszaak 😞

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Ik denk dat de kankerindustrie gevaarlijk is. En ‘agressieve kanker’? Waar heb je het over? En hoezo ‘Ik ben ook vitaliteitscoach’? Fijn voor je, maar ik ben geen vitaliteitscoach, dus vanwaar dit onterechte vergelijk? We zijn duidelijk niet hetzelfde! En het absurde feit dat mensen je kunnen aanklagen als je zegt dat kanker op natuurlijke wijze te genezen is, gebruik jij om mij ertoe te bewegen dit niet te schrijven? Sjonge zeg, wie is er hier nu ongenuanceerd? Lees de andere comments eens, misschien helpt dat. Of lees de andere stukken over kanker op deze website – er zijn er genoeg!

      Antwoord
  8. Marga Wubs

    Prachtig verwoord Sanne. Ik hoop dat veel meisjes en vrouwen dit lezen ❤️

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Dankjewel, ik ook!

      Antwoord
  9. Chris10

    Wow Sanne mooi verhaal, ik voel het……dank!

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Dankjewel!

      Antwoord
  10. Tanni Koens

    Heel goed verhaal, je eigen ervaring en die van je moeder. Iedereen met een kritische en onderzoekende blik weet dat de kankerindustrie een van de grootste geldmachines is ooit. Iedereen die mensen heeft zien sterven aan de behandeling en eigenlijk zelden aan de ziekte (die overigens altijd een genezing is – biologische wetten – Hamers kompas) … blijf het alsjeblieft delen. Ik deel het ook.

    Antwoord
    • Sanne Burger

      Dank je, Tanni. Ik ben het echter fundamenteel oneens met wat jij de ‘biologische wetten’ en ‘Hamers kompas’ noemt en vindt het belangrijk mijn visie te onderscheiden van de Germaanse geneeskunde, want die is echt anders.

      Antwoord
      • W.P.J. Nieuwenhuijzen

        Wat heb jij er precies op tegen, Sanne? Want veel in jouw verhaal lijkt wel heel erg op hoe men borstkanker volgens de germaanse geneeskunde beschrijft… Wat is dan fundamenteel het verschil? Wilma

        Antwoord
        • Sanne Burger

          Er zijn zeker overlappingen in mijn visie en die van de Germaanse geneeskunde, maar ik vind de Germaanse te kort door de bocht. Er zijn meer oorzaken van ziekte dan alleen de emotionele dimensie ervan of de ‘psychische schok’ die eraan vooraf gaat – ik zie keer op keer dat fans van de Germaanse (die vaak ook heel fanatiek hun geloof verdedigen, alsof het een religie is) hun ogen sluiten voor andere factoren: gifstoffen (glyfosaat met name, maar nog zo veel meer), straling, slechte voeding, vaccinaties, voedingstekorten, zuurstoftekort, etc. Iemand zei laatst: “Als je onder de rook van Tata Steel woont en kanker krijgt, hoef je echt niet zo ver te zoeken naar de oorzaak.” Ik ben het daar hartgrondig mee eens.

          Antwoord
  11. Anne

    Bedankt Sanne, voor je mooie tekst. Goed dat je jouw verhaal hebt opgeschreven, zodat we ook andere ervaringen te horen krijgen.
    Aangrijpend. Ik ben zelf nog niet voor mammografie gegaan en ben 58 jaar. Het schrikt me echt af en vertrouw het niet.
    Mijn mama wordt 92 jaar.

    Antwoord

Geef een reactie

You might like this too …

Je bent niet van suiker

Je bent niet van suiker

“En ineens besef je: ik ben niet van suiker”, lees ik op een reclamebord als ik door de stad rijd. “Jaa”, roep ik door...

Poeppraat

Poeppraat

In het taoïsme worden de emoties gekoppeld aan de verschillende organen. Woede wordt gekoppeld aan de lever, angst aan...

Pleidooi voor moed

Pleidooi voor moed

Robert Kennedy Jr zingt sinds zijn aanstelling als Minister van Gezondheid in de VS ineens een heleboel toontjes...