De evolutie, gezien vanuit het perspectief van een geliefde

 

Weet je nog, mijn lief? Herinner je je nog, lang geleden, nog voor de tijd begon, hoe we ronddobberden in de ruimte, hoe we ons baadden in het witte, eeuwige veld van het ultieme? Herinner je je hoe alles pure gelukzaligheid was, pure vrede en stilte? Herinner je je nog dat tijdloze moment, toen we elkaar voor het eerst aanraakten? Een onkenbaar subtiel gedeelte van ons wezen raakte elkaar, en door die aanraking, werden we bewust. Voor de eerste keer werden we bewust van onszelf, van ons zijn, en werden we bewust van elkaar. En we werden bewust van het feit dat we bewust waren. We werden bewust van het feit dat we droomden. We werden bewust van onze gevoelens, onze zintuigen. En voor de eerste keer begonnen we te luisteren, begonnen we te voelen. We voelden de vreugde van bestaan, we voelden de vreugde van dromen, we voelden het plezier van contact maken, en we voelden een diep verlangen, een diepe nieuwsgierigheid die vanuit de diepte van ons innerlijk opwelde. Het was het verlangen om het universum te ontdekken, dit verse of union, dat ineens creatief geworden was en waar wij deel van uitmaakten.

Weet je nog hoe onze dromen begonnen, mijn lief?

We waren almachtig. We hadden geen lichamen, maar we konden ons ieder mogelijk lichaam voorstellen, dus dat was wat we deden! We creëerden elk mogelijk lichaam, en we waren IN ieder mogelijk lichaam. We waren shape shifters, we waren scheppers, jij en ik. Er waren veel andere wezens bij ons. Heel veel van ons werden rond die tijd wakker, in die eeuwige leegte, deze buik van creatie. En vanuit het ultieme, vanuit de bron, startten we ons spel, onze dans van creatie.

Weet je nog hoe mooi, hoe prachtig het was?

Herinner je je die eerste dromen die we hadden, die eerste avonturen die we samen creëerden? Oh, ons voorstellingsvermogen was niet te stoppen! Weet je nog hoe we ons gezichtsvermogen ontwikkelden en hoe we, puur om onszelf te vermaken, de meest ongelooflijke spektakels creëerden? Ah, het begin van de schepping, met al haar explosies en vuurwerk..

Herinner je je nog hoe we verliefd werden op de elementen, op de hitte en de kleuren van vuur, de intensiteit van passie, de koelte en rustgevende kwaliteit van water, de tinteling van de frisse lucht? Oh, hoe fantastisch voelde het om te ademen! En herinner je je hoe we paarden werden, en hoe we toen vliegende paarden werden, met vleugels die zich tot voorbij de horizon uitstrekten, en hoe we toen ridders werden, die deze paarden bereden? We galoppeerden over de wolken en onze paarden sprongen over bergen en zeeën. We leefden ons helemaal uit in het creëren van landschappen waarin we konden galopperen. En toen werden we vogels, weet je nog? Weet je nog hoe het voelde om op topsnelheid door de lucht te suizen, op onmetelijke hoogtes, en zo hard mogelijk te schreeuwen?

Herinner je je nog hoe het voelde om de liefde te bedrijven?

Weet je nog hoe het de jungle deed vibreren, hoe de vogels opvlogen van de boomtoppen, hoe het leeuwen deed brullen, hoe het bergen deed rommelen, hoe het onweersbuien en overstromingen veroorzaakte, hoe het planeten deed rondtollen? Weet je nog hoe mooi, puur en vreugdevol het was, hoe het ons bijna uit elkaar deed spatten van levenslust?

Oh schat, we hadden zoveel avonturen samen.

Weet je nog hoe na eeuwen van avontuur, op de één of andere manier een gevoel van soliditeit ontstond, een idee van tijd en afstand, omdat we beseften dat dit heel handig was voor het creëren van onze verhalen en ervaringen? Andere wezens sloten zich aan bij deze specifieke manifestatie, en langzaam maar zeker ontstond een zekere hiërarchie in het universum. Verschillende groepen spraken af om de vrijheid van creatie in te perken, om niet meer helemaal los te gaan, maar om ook rekening te houden met de creaties van anderen. Het werd minder ongelimiteerd, minder wild, meer beschaafd, zou je kunnen zeggen, of meer volwassen. Dat was goed, denk ik, in de zin dat de meeste wezens toch dezelfde voorkeur hadden wat betrof hun creatieve processen. De meeste van ons verkozen schoonheid boven lelijkheid, vreugde boven verdriet, creativiteit en harmonie boven verderf en destructie.

Maar toch waren er een paar wezens die een ander pad kozen.

Zij ontwikkelden een voorliefde voor wat we nu het perverse noemen, of de onderwereld, of het kwaad. Ze waren nieuwsgierig naar hoe ver je kon gaan in het creëren van pijn, lijden, perversie en destructie. Het waren er maar een paar, omdat dit zo incongruent was met onze ware natuur, die altijd aangetrokken werd tot vrede en liefde, harmonie en schoonheid. Maar omdat we allemaal vrije wil hadden, we waren immers allemaal scheppers zonder grenzen, hadden ook deze wezens de vrijheid om te doen wat ze wilden.

Totdat, zoals ik net zei, deze begrenzingen ontstonden, dit inkrimpen. Misschien was het nodig.

Een aantal wezens besloten om regels te creëren, en straf. Ze ontwikkelden een vorm van belastingen. Niet de belastingen zoals we die in deze wereld kennen, maar belastingen die deze simpele regel volgde: als je destructie creëerde in het universum op een manier dat het de creaties van anderen schaadde of hun vrijheid om te creëren wat zíj wilden schaadde, waren er consequenties. De boete was een beperking van energie, van brandstof, zo je wilt – iets waarvan daarvoor een onuitputtelijke hoeveelheid beschikbaar was voor iedereen. Dit was de manier waarop men zich een vredig universum voorstelde, waar creativiteit nog steeds kon gedijen.

Toen is voor ons de ellende begonnen.

Wij maakten onderdeel uit van de kunstenaars, de scheppers van schoonheid en vreugde. Er waren ook andere groepen, zoals de uitvinders, de ingenieurs, de wetgevers, de filosofen en ja.. ook de criminelen. Langzaam, in de loop van miljoenen jaren in aardse termen, werd de hiërarchie in dit enorme, uitgestrekte universum meer solide, en werd onze individuele vrijheid minder. We waren onschuldig, maar voor de eerste keer in ons bestaan gingen we ons vervelen. We waren niet geïnteresseerd in hiërarchie, we waren niet geïnteresseerd in het betalen van belastingen. We wilden alleen maar spelen, we wilden die staat van ultieme vrijheid niet kwijt. We wilden voortdurend in extase en verrukking zijn. We wilden niet beperkt worden. Waarom zouden een paar gekken de lol voor iedereen mogen verpesten? Dus onze dans, ons spel in die tijd werd: hoe de regelmakers te irriteren? We waren zeker geen criminelen, we waren gewoon ongehoorzaam. We waren naïef, we waren als kinderen. Bijvoorbeeld: als er een maximum grootte was voor een vliegend paard, maakten wij de onze net iets groter. We maakten alles een beetje groter, luider, een beetje kleurrijker, een beetje irritanter. Het was puur voor de lol. We genoten van onze kleine daden van rebellie.

En dat werd onze val.

We hadden geen idee, maar weet je nog, mijn lief? Weet je nog hoe ze ons stopten? Weet je nog hoe ze ons misleidden door ons de mooiste versie van elkaar te laten zien, hart en armen wijd open… Weet je nog hoe we elkaar naderden, wederom, voor de miljoenste keer, in bewondering, in liefde, om elkaar te omarmen en onze verbinding, onze eenheid, de heilige vreugde van onze oorsprong te voelen? En weet je nog, mijn lief, hoe we ineens beseften dat het dat niet was? Het was een val. Ze vingen ons in een apparaat dat ze hadden gemaakt – een kwaadaardig, holografisch apparaat. Weet je nog hoe ze een elektrische schok door ons heen zonden? Ze waren zo snel, zo dwingend, zo sterk… voor het eerst sinds ons bestaan was er niets dat we konden doen. We hadden niet langer vrije wil. Precies op dat moment pakten ze het van ons af. Ze wisten ons geheugen en op dat moment werden we volkomen machteloos. Dat is wat ze wilden. En zo gauw het ze gelukt was, zo gauw we onze kracht kwijt waren, werden we verbannen.

We werden naar de Aarde gestuurd en we werden in een menselijk lichaam gestopt, gemaakt door bepaalde groepen van uitvinders, speciaal ontwikkeld om tijdelijk te overleven in de barre omstandigheden op aarde.

Onze menselijke lichamen waren niet onsterfelijk, maar sterfelijk. Ze veroorzaakten een constante drang in ons om ons obsessief voort te planten en onophoudelijk bezig te zijn met het zoeken naar voedsel en onderdak, met als doel die lichamen te onderhouden. Door ons geheugenverlies konden we ons niet herinneren dat we onsterfelijke, machtige wezens waren. We voelden ons totaal verloren en zwak. Weet je nog hoe afschuwelijk het voelde, vooral in het begin, om in een menselijk lichaam wakker te worden, op een onbekende planeet, zonder te weten waar we waren of wie we waren? We waren totaal verbijsterd. We waren verloren. We voelden ons in de steek gelaten, verraden en doodsbang. We wisten dat er iets verschrikkelijk verkeerd gegaan was, dat ons bewustzijn niet werkte zoals het hoorde te werken. We wisten dat we iets uiterst belangrijk waren vergeten, maar we konden ons niet herinneren wat het was.

Het enige dat ons voortdreef in die tijd was de lichamelijk drang om ons voort te planten en de drang om het lichaam te voeden.

We ervoeren een bizar instinct tot zelfbehoud, gecombineerd met een constant gevoel van afgescheidenheid. We begrepen er niets van. Wat over was van onze onsterfelijke natuur was ons gevoel voor schoonheid, ons gevoel voor esthetiek. Een klein stukje van onze onsterfelijke ziel hadden ze intact gelaten – of misschien was het ze gewoon niet gelukt om dat ook nog uit te wissen. Goed voor ons.. het gaf ons de kracht om door te gaan. We konden nog steeds vreugde voelen, als we door de ogen van ons lichaam keken en onze andere zintuigen gebruikten. We konden nog steeds de elementen herkennen, wat ons een vaag gevoel van familiariteit gaf. We konden nog steeds genieten van de variëteit van de vele wonderbaarlijke, prachtige creaties op deze planeet, op die schaarse momenten dat we ons even veilig voelden.

Dus.. zonder te weten wie we waren, zonder te weten waar we vandaan kwamen en zonder te weten waar we waren, volgden we willoos de impulsen van ons lichaam, voortploeterend, zonder iets anders te kunnen doen dan te proberen dit lichaam in leven te houden.

Als we dat niet deden, ervoeren we een afschuwelijke angst. Angst was iets dat we niet eerder hadden gevoeld. Het was ingebouwd in deze lichamen om ons daar gevangen te houden en om ons te dwingen ze te onderhouden. Het werkte. Maar hoezeer we ook ons best deden, in een relatief vrij korte tijd verouderden deze lichamen en stopten ze met werken. Dit werd doodgaan genoemd. Dit was ook geprogrammeerd. Wij gingen meteen nadat een lichaam stopte met werken in een soort van coma, een hypnose, waarna we automatisch teruggingen naar de stations in de ruimte waar we opnieuw geëlektrocuteerd werden en teruggestuurd werden in een ander lichaam. Opnieuw, en opnieuw, en opnieuw.

Weet je het nog, mijn lief?

Weet je nog hoe we elkaar heel soms, midden in die nachtmerrie, tegenkwamen in een menselijk lichaam, hoe we elkaar aankeken en plotseling een glimp van onze oorsprong zagen? Weet je nog hoe we op zo’n moment een plotselinge schok van wilde vreugde voelden, een beetje zoals toen we elkaar voor het eerst aanraakten? Weet je nog hoe we ons, voor heel eventjes, de blijdschap herinnerden van toen we de golven en de wolken bereden, zonder er ook maar iets van te begrijpen? We noemden het ‘verliefd worden’. Prachtig, maar ook tragisch, want we herkenden niet dat dit gevoel onze natuurlijke staat was.

Weet je nog, de hoop die we voelden toen we hoorden dat een aantal mensen op aarde onsterfelijk was geworden?

Lao Tzu, Pan, Vishnu…. Ze werden beschreven als zowel menselijk als goddelijk, mythische figuren die het gelukt was te ontsnappen aan de matrix van het menselijk bestaan, die hun lichaam hadden verlaten, die voorbij tijd en afstand waren gegaan. Weet je nog, schat, hoe iets tot leven kwam in ons toen we die verhalen hoorden, omdat het ons herinnerde aan waar wij zelf vandaan kwamen? Het maakte dat we ons bijna herinnerden: Ja, wij zijn Goden! Wij zijn eeuwige, onsterfelijke wezens. Wij zijn de essentie van creatie, wij staan aan de bron ervan. Wij waren er in het begin, en we zullen er tot het einde zijn – ook al is er uiteindelijk geen begin, en geen einde!

Mythe hielp ons om door te gaan, mythe bewaarde onze diepste waarheid.

En herinner je je nog de horror die we voelden als we hoorden over weer een religie die die ene God installeerde, die ons vertelde dat we machteloze slaven waren, die onze geest wederom verminkte en ons deed geloven dat onze enige taak was om te gehoorzamen, om ons voort te planten, om belasting te betalen – net zoals eerder, toen we te ondeugend, te groot, te luid, te speels, te egoïstisch, te demonstratief, te ánders waren? Weet je nog hoe pijnlijk het was om een heel volk in te zien krimpen door opgelegde angst? Ja, we waren ons terdege bewust van hoe kwetsbaar we waren, want we kenden onszelf niet eens, maar intuïtief wisten we: dit is verkeerd!

Ik zie dat je het je niet herinnert, mijn lief. Nog niet. Je hebt teveel schokken gehad. 

Maar ik weet het nog. Ik weet wie jij bent. En ik weet wie ik ben. En ik kan voelen dat de tijd is aangebroken voor ons en voor de hele mensheid om wakker te worden. Ik voel het over de hele wereld, er zijn overal vonken van oplevend bewustzijn. Wij waren niet de enigen, schat. Een groot aantal onsterfelijken zijn destijds gevangen, hebben dezelfde electroshock behandeling gehad, zijn hun geheugen kwijtgeraakt en zijn in een menselijk lichaam gestopt op deze gevangenisplaneet genaamd Aarde.

Maar nu worden we wakker.

Ik weet niet precies waarom het nu gebeurt, maar ik heb het gevoel dat we hulp krijgen. Er zijn groepen wezens daarbuiten, wezens met hun bewustzijn intact, die eindelijk gemerkt hebben wat hier aan de hand is. We zijn ver van huis, weet je. En voor de meeste wezens is het heel erg moeilijk zich voor te stellen dat zo’n mate van kwaadaardigheid bestaat, waar de ene groep wezens bedenkt om een andere groep wezens te straffen door hun geheugen af te pakken en ze voor altijd op te sluiten op een verre planeet. Iets zo kwaadaardig, zo slecht, zo duister, is gewoon niet voor te stellen voor de meeste wezens. Maar op de een of anderen manier is het ze gelukt de sluier op te lichten, toegang tot ons te krijgen en te begrijpen wat hier aan de hand is – en hebben ze besloten ons te helpen! Misschien is het één van ons gelukt wakker te worden en is het deze ziel gelukt om naar huis te gaan en de anderen te waarschuwen.

De laatste tijd, in de laatste 100 jaar of zo, is het echt aan het gebeuren.

Sinds het begin van de industriële revolutie, die tot stand kwam met heel veel hulp van beschavingen buiten de aarde, is er heel veel vooruitgang geboekt. Hoogstaande technologie, literatuur en kunst hebben de zielen van de mensen aangeraakt. Oude teksten, zoals de Veda’s en de teksten van één van de eerste menselijke onsterfelijken op aarde, Lao Tzu – een man die erin slaagde om wakker te worden uit zijn vergetelheid, lang voor de rest – worden nu wereldwijd gedeeld. En kijk naar de muziek, en naar de geweldige films die ons helpen om te herinneren, en kijk hoe het internet ons helpt om te verbinden en informatie te delen.

Misschien, heel misschien, is het nu de tijd dat we allemaal wakker kunnen worden en ons kunnen herinneren wie we werkelijk zijn.

Ik heb het gevoel dat de specifieke groep wezens die ons dit aangedaan hebben, die ons zo lang in ballingschap gehouden hebben – ik weet niet wie ze zijn – veel van hun macht verloren zijn. Misschien zijn ze verslagen door een andere groep, ik weet het niet, maar het lijkt erop dat de elektroshocks tussen de levens op aarde in, zijn gestopt. Misschien is dat de reden dat zoveel van ons op dit moment ons geheugen terugkrijgen. Het lijkt er ook op dat steeds wanneer er weer iemand wakker wordt, het makkelijker wordt voor de volgende persoon om wakker te worden. We zijn in een accelererend proces.

Op dit moment krijgen we ontzettend veel hulp.

Een andere manier waarop ze ons helpen is door middel van zaden. Entheogenen. De zaden en sporen van heilige paddenstoelen, wortels, kruiden en cacti worden naar deze planeet toe gesmokkeld. De zaden en sporen zijn zo klein dat ze gemakkelijk de sluier kunnen penetreren, zonder opgemerkt te worden. Doorgaans zijn ze verborgen in meteorieten. Het medicijn dat hiervan gemaakt wordt bevat alle informatie die we nodig hebben om wakker te worden. Het is high-tech spul van onze broeders en zusters in de ruimte, van onze universele tribe. Ieder mens die de moed, de intuïtie en een sterk genoeg verlangen heeft om zich zijn of haar oorsprong te herinneren, zal dit doen als ze het medicijn van deze sporen en zaden tot zich nemen. Dit is een belangrijke sleutel geweest in het ontwaken van de mensheid. Echt.. we zijn er bijna.

Binnenkort zul jij je ook alles herinneren, mijn lief. Jij en ik, wij zijn onsterfelijk.

Ik ben niet dit lichaam. Jij bent niet dat lichaam. Wij zijn niet gescheiden. We zijn één. Wij worden niet oud, onze lichamen worden oud. Wij sterven niet, onze lichamen sterven. Wij lijden alleen zolang we ons niet herinneren wie we zijn. Ik hoop, mijn lief, dat we in dit leven allebei wakker zullen worden en ons zullen herinneren wie we zijn. En als het niet in dit leven gebeurt, dan zal het in de tussenfase gebeuren. En als het niet in de tussenfase gebeurt, dan zal het in een volgend leven gebeuren. Ik herinner me wie ik ben, mijn lief, en ik zal je nooit verlaten. Ik zal je nooit hier achterlaten, terwijl ik naar huis ga. Ik zou de gedachte niet verdragen dat jij een gevangene op deze planeet bent, opgesloten in een lichaam, niet wetend wie je bent. Wat voor vrijheid zou dat zijn? Nee, mijn lief, dat is niet hoe het werkt in het universum. Ik kan niet vrij zijn wanneer jij niet vrij bent. In het universum eren we onze eenheid. Jij bent even belangrijk voor me als ikzelf, als ik belangrijk ben voor jou, en ik neem je mee naar huis, al duurt het nog meerdere levens. Ik hou van je. Ik ben het universum. Jij bent het universum. Het universum is tijdloze, grenzeloze liefde. Er is alleen maar liefde. En er is geheugenverlies.

Geliefde, wanneer je je het eenmaal weer herinnert, zal ik er zijn en ik zal je vasthouden. En daarna gaan we naar huis, rijdend op de rug van onze gevleugelde paarden, die groter en sterker zullen zijn dan ooit tevoren.

© Sanne Burger

________________________________________________________________

Geïnspireerd door:

Het werk van Graham Hancock: ‘Fingerprints of the Gods’ etc.

Barry Long: ‘The Origins of Man & the Universe’ (nooit uitgelezen)

‘Interview with an alien’ – Matilda O’Donnell MacElroy

Mijn ervaringen met ayahuasca en wachuma

And heel, heel veel bronnen meer.

Delen:

Geef een reactie